Marathon van Keulen

Marathon van Keulen

Zondagochtend in Keulen. Op de Opladener Strasse klinkt schlagermuziek. Duitse deelnemers zingen uit volle borst mee. Morgen is het dag van de Duitse eenheid. Een speaker dweept met luide stem én in een rap tempo iedereen op.

De klok van station Köln Messe/Deutz tikt gestaag. Nog iets van 8 minuten en het is 10.00 uur. Eindelijk. Half mei was mijn voorbereiding van start gegaan met de halve marathon van Leiden. De vorm is goed en de behaalde resultaten hebben verwachtingen geschept.

Het weer is aangenaam. 13 graden, bewolkt, met heel af en toe een zonnetje, geen regen en nauwelijks wind. Ik sta in het rode startvak, zo’n 20 meter verwijderd van de start.

Ruim 4.000 hardlopers maken zich op voor de marathon. De grootste groep buitenlandse lopers komt uit China. Burgemeester Henriëtte Reker verwelkomt ze met ‘ni hao’. Een aantal Chinesen groet enthousiast terug.

En dan klinkt het startschot. 18 seconden later begint mijn vijfde marathon. De eerste was 3 jaar geleden in Amsterdam. In 2013 had ik niet al zo snel aan een eerste lustrum gedacht.

De marathon van Keulen heeft een zilveren label van de IAAF gekregen. Bijvoorbeeld Rotterdam, Berlijn en Londen hebben een gouden label. Het parcours is snel en zo plat als een pannenkoek. Naast Berlijn is het een ideale najaarsmarathon om een goede tijd te lopen.

Vanaf de start gaat het goed. Ik heb 2 doelen gesteld: (1) onder de 3:10 uur lopen voor een verbetering van mijn PR (3:18 Rotterdam 2016) en om kwalificatie voor Boston af te dwingen, en (2) blijven lopen vanaf 30 km. In Rotterdam ging dat ondanks mijn goede eindtijd niet goed en leverde ik op het laatste kwart te veel tijd in.

Door mijn goede vorm is het verleidelijk om te hard van start te gaan. Dat is mijn zwakke punt: vooral op de eerste kilometers als een kip zonder kop lopen.

De eerste 21 km loop ik net onder de 1:31 uur met een gemiddelde van 4:18 per kilometer. Dat is iets langzamer dan mijn snelheid bij de 30 kilometer bij Amsterdam-Noord van begin september (02:08:24, gemiddelde 4:17).

Het is fijn lopen in Keulen. Geen opstoppingen en slalommen, lekker de ruimte, prima drankposten en dus ook optimale weersomstandigheden. Slechts een paar minuutjes is er wat motregen.

Er staat aardig wat volk langs de kant, maar minder massaal in vergelijking met Berlijn en Rotterdam. Veelvuldig hoor ik ‘SCHNELLER, SCHNELLER SCHNELLER!’ , ‘Das sieht gut aus’ of ‘weiter, weiter, weiter’.

Alhoewel Keulen de carnavalsstad van West-Europa is, zijn er onder de deelnemers of langs de kant geen opvallende uitdossingen. Wel doet er een clown mee die blijkbaar van de organisatie tegelijk met de Afrikanen mocht starten.

En dan komt het spannende gedeelte. De 30 kilometer passeer ik onder de 02:10 uur – wat sneller dan bij de 30 van Diever eind juli met een eindtijd van 02:12 uur. Daarna volgt nog een stukje vals plat en lever ik wat tijd in.

Toch gaat het goed. Ik blijf lopen en raak niet extreem vermoeid. Het inhalen is begonnen. Waar ik in Rotterdam vanaf 35 kilometer echt snakte naar de finish is dat nu niet het geval.

Het tweede gedeelte lever ik wel tijd in, maar een stuk minder erg dan bij de eerdere marathons. Zelfs kan ik weer vanaf het 38 km punt wat versnellen en beperk zo de vertraging. Na de Dom is het nog zo’n 200 meter. Tijd voor sprintje.

Uiteindelijk finish ik als 168ste in een eindtijd van 3:04:13 uur. Het tweede gedeelte heb ik gelopen in circa 1:33 uur. Wauw!

Zo fris als een hoentje passeer ik de finishlijn en heb voldoende energie over om met andere deelnemers de loop te bespreken – in mijn beste Duits – en felicitaties over te brengen. Dat is het mooie aan hardlopen. Iedereen gunt elkaar een medaille en een mooie tijd. Ein gewinnt und jeder ist ein Sieger.

Wel is het fijn om even te zitten en de beentjes te rekken.

De eindtijd is een mooie beloning voor een lange voorbereiding en vele trainingen. Sinds juni doe ik aan intervaltrainingen. Het lijkt zijn vruchten al snel af te werpen. Verder kan ik duurlopen ook beter lezen.

‘Ja, ich bin sehr froh’ schrijf ik op Facebook en Twitter. Wat een ontwikkeling. Hoe ouder, hoe sneller.

Deelname aan de Boston marathon 2017 zal nog niet gebeuren omdat (1) de inschrijftermijn net is gesloten en (2) ik me al heb ingeschreven voor de marathon van Parijs.

In het voorjaar 2017 ga ik daarom voor Parijs. Daar hoop ik de goede lijn door te zetten en onder de 3 uur te lopen. Parijs is minder vlak dan Berlijn en Rotterdam, en is eerder een Amerikaanse pannenkoek – als ik de blogs van deelnemers van Parijs mag geloven. Sneller lopen zal misschien moeilijker zijn, maar niet onmogelijk.

Wie weet word ik ingeloot voor Boston 2018. Er geldt nog wel loting. Een snelle tijd vergroot je kansen.

Na Keulen neem ik wat rust. Dat hebben de beentjes wel verdiend. Natuurlijk blijf ik wel lopen en trainen. Ik verwacht eind oktober weer echt de draad op te pakken.

De eerste grote loop is eind november met de 25 kilometer bij de Meijendelloop. Ook heb ik me ingeschreven voor de Bruggenloop Rotterdam. Die loop heeft zo’n mooi rauw Rotterdams decors in december. Ik kijk er nu al naar uit.

 

 

 

 

 

 

 

Geschreven door timocratie

4 reacties

  1. Rudi Loof - 30 oktober 2016, 08:29

    Mooie tijd! Gefeliciteerd!

    • timocratie - 2 november 2016, 21:38

      Dank je wel 🙂

  2. vera - 2 november 2016, 19:06

    Mooi verhaal! Je vijfde marathon en je loopt hem al in ruim 3 uur. Fantastisch!

    • timocratie - 2 november 2016, 21:39

      Dank je wel Vera 🙂 Wat een ontwikkeling hé!?

Reageren op dit artikel is niet meer mogelijk.